6.2 Betaalverzuimboete
U krijgt met deze boete te maken als u de belasting te laat betaalt, of als u niet of te weinig betaalt. De wetgever maakt daarbij onderscheid tussen een aangiftebelasting (zie paragraaf 6.2.1) en aanslagbelasting (zie paragraaf 6.2.2).
6.2.1 Aangiftebelasting
binnen een maand
Betaling van de aangiftebelastingen zoals de BTW of loonheffingen moet in principe binnen de uiterste betaaldatum plaatsvinden. Dat is bij een aangiftebelasting binnen een maand na afloop van het aangiftetijdvak. De Belastingdienst hanteert echter nog een zogenoemde coulancetermijn. Uw betaling valt binnen deze coulancetermijn als die is binnengekomen binnen zeven kalenderdagen na de uiterste betaaltermijn.
Te laat betalen
coulance
na coulancetermijn
Of u voor het te laat betalen een boete krijgt, hangt af van of u betaalt binnen of buiten die coulancetermijn én van uw betaling over het vorige tijdvak. Betaalt u de aangiftebelasting te laat, dan zijn er drie mogelijkheden:
- U betaalt te laat, maar wel binnen de coulancetermijn. In dat geval zijn er twee mogelijkheden:
- De vorige aangifte betaalde u op tijd en volledig. U krijgt dan alleen een verzuimmededeling.
- U betaalde de vorige aangifte te laat of niet volledig. Het maakt daarbij niet uit of de betaling maar een dag te laat is of een gedeelte van het bedrag is betaald. U krijgt dan een betaalverzuimboete van 3% van het te laat betaalde bedrag, met een minimum van € 50 en een maximum van € 5.278.
- U betaalt na de coulancetermijn. Ook als u de vorige keer wel op tijd was, geldt er altijd een boete van 3% van het te laat betaalde bedrag, met een minimum van € 50 en een maximum van € 5.278.
- U betaalt te laat en deels binnen en deels na de coulancetermijn. U krijgt een betaalverzuimboete van 3%, met een minimum van € 50 en een maximum van € 5.278. Dit geldt ook voor het bedrag dat u binnen de coulancetermijn heeft betaald.
Niet of te weinig
Betaalt u niet of te weinig, dan legt de Belastingdienst een naheffingsaanslag op. Tegelijk met deze naheffingsaanslag ontvangt u een betaalverzuimboete van 3% van het niet betaalde bedrag met een minimum van € 50 en een maximum van € 5.278. U krijgt deze boete, omdat de betaling van uw naheffingsaanslag plaatsvindt buiten de coulancetermijn. Is er een gedeelte wel betaald maar te laat, dan krijgt u een betaalverzuimboete over het totale bedrag van de aangifte (dus niet alleen over het te laat betaalde bedrag).
6.2.2 Aanslagbelasting
verzuimboete
bezwaar
De ontvanger kan bij het niet, gedeeltelijk niet of niet tijdig betalen van een aanslag een verzuimboete opleggen. De boete bedraagt maximaal € 5.278 (per verzuim). De Belastingdienst baseert deze boete op het bedrag dat u eigenlijk had moeten betalen. U moet de boete betalen binnen zes weken na dagtekening van de boetebeschikking. Bent u het niet eens met de opgelegde boete, dan kunt u binnen zes weken bezwaar maken.
Samenloop van aangifte- en betaalverzuim
los van elkaar
U kunt zowel voor een aangifteverzuim als een betaalverzuim een boete krijgen. De fiscus stelt deze aangifte- en betaalverzuimen los van elkaar vast. Hierdoor is het mogelijk dat u voor hetzelfde tijdvak twee verschillende boetes krijgt. Dit doet zich bijvoorbeeld voor als u te laat aangifte BTW of loonheffingen doet en daarnaast te weinig belasting betaalt. Deze samenloop is gewoon toegestaan.